Tag: goddess

Ritueel tijdens maansverduistering 3-4 maart 2007

Ritueel tijdens maansverduistering 3-4 maart 2007


[b]Notities uit mijn Book of Shadows:[/b]
sjamanenspiegel in de maan gezet
vreemde energie…
als een soort pauze tussen twee vloedgolven…
een moment van rust, maar toch weer anders dan nieuwe maan…
gesluierde maan…
Hecate?
sinister?
Hulda!
WoW, en daarmee laad ik dus nu mijn spiegel!
ik heb wat met de Godin van de Onderwereld…
soul-retrieval..

Commentaar;
Heftige energie, heftige emoties gaan door me heen.
Ik zeg tegen mezelf: goed gronden, doorstromen.

Woei!
Kan me voorstellen dat mensen flippen bij deze heftige energie!

La Belle Dame Sans Merci

La Belle Dame Sans Merci


I

Oh what can ail thee, knight-at-arms,
Alone and palely loitering?
The sedge has withered from the lake,
And no birds sing.

                          II

 

Oh what can ail thee, knight-at-arms,
So haggard and so woe-begone?
The squirrel’s granary is full,
And the harvest’s done.

                          III

 

I see a lily on thy brow,
With anguish moist and fever-dew,
And on thy cheeks a fading rose
Fast withereth too.

                          IV

 

I met a lady in the meads,
Full beautiful – a faery’s child,
Her hair was long, her foot was light,
And her eyes were wild.

                          V

 

I made a garland for her head,
And bracelets too, and fragrant zone;
She looked at me as she did love,
And made sweet moan.

                          VI

 

I set her on my pacing steed,
And nothing else saw all day long,
For sidelong would she bend, and sing
A faery’s song.

                          VII

She found me roots of relish sweet,
And honey wild, and manna-dew,
And sure in language strange she said –
‘I love thee true’.

                          VIII

 

She took me to her elfin grot,
And there she wept and sighed full sore,
And there I shut her wild wild eyes
With kisses four.

                          IX

 

And there she lulled me asleep
And there I dreamed – Ah! woe betide! –
The latest dream I ever dreamt
On the cold hill side.

                          X

 

I saw pale kings and princes too,
Pale warriors, death-pale were they all;
They cried – ‘La Belle Dame sans Merci
Hath thee in thrall!’

                          XI

 

I saw their starved lips in the gloam,
With horrid warning gaped wide,
And I awoke and found me here,
On the cold hill’s side.

                          XII

 

And this is why I sojourn here
Alone and palely loitering,
Though the sedge is withered from the lake,
And no birds sing.

John Keats

De Vrouwelijke kant van God

De Vrouwelijke kant van God


Als rooms-katholiek meisje opgegroeid in Limburg, voelde Annine van der Meer (52) van kinds af aan een intuïtieve verbondenheid met Maria. Op de universiteit, waar zij kerkgeschiedenis en theologie ging studeren, vertaalde zich dat in een intellectuele en wetenschappelijke fascinatie voor de vrouwelijke kant van God.

In de colleges die ze in Utrecht volgde bij de vorige week in Egypte plotseling overleden professor Gilles Quispel, maakte ze voor het eerst kennis met Sophia, de vrouw van God in de gnosis. En met vrouwelijke priesters, predikers en bisschoppen. „Dat vond ik geweldig. In de gnosis stuitte ik op het goddelijk vrouwelijke dat in het orthodoxe christendom al was zoekgeraakt.” Ze besloot bij Quispel te promoveren en was in 1989, na tien jaar studie, de enige vrouw die ooit bij hem de doctorsbul heeft behaald.

Dit proefschrift was pas het begin. Van der Meer werd lerares en ging in haar vrije tijd door met onderzoek naar de vrouw en het vrouwelijke in religie en godsbeelden. Gaandeweg ontdekte ze hoe enorm groot de rol van de vrouw is geweest in de geschiedenis en prehistorie.

Het was een moeizame zoektocht, vertelt ze in haar pas betrokken huis in Honselersdijk, „want hoe verder je teruggaat in de tijd, hoe schaarser de bronnen. En de bronnen díe er zijn, zijn vanuit een vrouwvijandig perspectief geschreven. Dat geldt ook voor heilige teksten. Het zijn vaak de mannen in de geschiedenis, die de geschiedenis gemaakt lijken te hebben. Dat komt doordat zijzelf de geschiedenis geschréven hebben. Dat zie ik nu, na alles wat ik heb ontdekt.”

Ze noemt zichzelf geen feministe, maar de schat aan materiaal die ze in haar vuistdikke boek ’Van Venus tot Madonna’ heeft verzameld over de rol van vrouwen in de (religie)geschiedenis, zou een feministisch onderzoeker niet misstaan. Eigenlijk waren het juist de studies van feministen – over godinnencultuur, de godin in de vrouw en zo – die zij niet vertrouwde, en die haar er extra toe aanzetten het in haar eigen onderzoek beter te doen.

„Die feministen sloegen in mijn ogen zo door. Ze gebruikten lukraak en klakkeloos allerlei termen door elkaar heen, zoals dé grote godin, dé moeder, dé moedergodin. Ik wilde juist heel zuiver zijn in mijn definiëring, want waar heb je het anders over?”

De echte eyeopener, en prikkel om haar onderzoek door te zetten, kreeg ze in 2000, tijdens een vakantie op Malta. „Op Malta staan prachtige tempels. Die had ik gezien, voor ik naar het nationaal museum ging. Daar waren zalen vol met vrouwenbeeldjes, waar dan bij stond ’idol’, ’statuette’ of in het gunstigste geval ’lady’. Er was er één die de ’Venus van Malta’ mocht heten: een staande vrouwe met de hand op haar buik, naakt en met rode oker besprenkeld. Hand op de buik betekent: ’ik ben zwanger’ en naakt zijn wil zeggen ’ik ben goddelijk’. ’Venus’ is een verkeerde aanduiding voor deze kunst, die met seksualiteit of wulpsheid niks te maken heeft: dit is gewoon de godin die baart. Maar dat had ik op dat moment nog allemaal niet door, want ik ging af op de bordjes in het museum en op de literatuur die ik kon vinden. En daarin wordt het woord godin geen een keer genoemd.”

Vanwaar dan toch al die tempels, vroeg Van der Meer zich af, en waar komen die vrouwenbeeldjes dan vandaan? Wat wil dit alles zeggen?

„Ik ben heel cynisch begonnen. Het woord priesteres kwam niet in mij op, ik had er eigenlijk geen rekening mee gehouden dat ik die ooit zou vinden, hetzij op Malta hetzij elders in die oude culturen. Nu weet ik dat ze daar zijn en dat ze ver in de meerderheid zijn vergeleken met de mannelijke priesters, en dat er vele malen meer godinnen zijn dan goden. Ik heb op Malta het topje van de ijsberg voor het eerst gevoeld.”

Na Malta volgden reizen naar andere landen en culturen: Kreta, Egypte, Syrië, Griekenland, Turkije, Israël. „Daar openden zich prachtige steden, opgravingen en musea voor mij. Er ging een wereld voor me open, zo kleurrijk, zo prachtig van kunst, zo verfijnd en vooral zo vrouwelijk. Weer thuis dook ik dan de bibliotheek in, waar alles wat ik met moeite ver weg had verzameld, gewoon in één keer werd weggeredeneerd. Ik kwam in een wespennest van interpretaties terecht. Traditionele archeologen, zoals bijvoorbeeld meneer Bonanno, archeloog op Malta, erkennen het vrouwelijke in de kunst gewoon niet. En verklaren ook heel veel wat vrouwelijk is tot mannelijk.”

Van der Meer wijst een figuurtje aan in haar enorme glazen vitrinekast vol vrouwenbeeldjes. „Kijk, dit is een kopie van een vondst op Malta uit de late steentijd – ongeveer vanaf 4000 voor Chr. In het boekje van Bonanno staat: ’de priester’. Maar dit beeldje is een vrouw, een priesteres naar mijn mening. Dat het stellig om een vrouw gaat, kun je zien aan de afbeelding op haar jurk. Een driehoek met de punt naar beneden of, zoals in dit geval, een omgekeerde u is een oeroud symbool van de vulva.

De vulva staat voor de baarmoeder. De oude prehistorische mens is zich bewust geweest van het kosmische karakter van de godin van leven. De baarmoeder baart de melkweg, de aarde, de sterren. Net zo goed als het kind zich als eerste zijn moeder bewust is, bestond in die oude culturen het bewustzijn dat het leven voortkomt uit een goddelijke moeder.”

Ook in Frankrijk en Spanje, vertelt Van der Meer, vind je deze vulvasymbolen, in grotten uit het paleolithicum – de late oude steentijd, zo’n 15000 voor Chr. „De prehistorische mens met zijn archaïsch bewustzijn dacht in abstracte symbolen. Er is dus eerst het symbool van de vulva, scheppingsmechanisme waaruit alles voortkomt, voordat het goddelijk vrouwelijke als mens wordt afgebeeld.”

Van der Meer legde archeologische vondsten en geschreven mythen uit verschillende culturen naast elkaar. „Je ziet eerst een speldenknopje, daarna een groter geheel van mensen die zich op dezelfde manier gedragen, die dezelfde symbooltaal gebruiken. Het symbool is de sleutel om een groter geheel in beeld te krijgen.”

Al vergelijkend trof zij in de prehistorische periode overal vruchtbaarheidsreligies aan, waarin het draait om de moedergodin, of zij nu Asjera heet (Israël), Isis (Egypte) of Inanna (Mesopotamië). De rol van de mannelijke godheid in deze religies is die van de sterfelijke jaargod: het mannelijke maakt onderdeel uit van de vrouwelijke cultus, de vrouwelijke altaarrituelen. De godin baart, schept en onderhoudt leven, terwijl de jaargod staat voor de wisselende natuur, die elk jaar opbloeit en weer afsterft.

Na tienduizenden jaren van vreedzaam voortbestaan („verdedigingsmuren en wapens hadden ze niet”) kwam er vanaf 2400 voor Chr. geleidelijk een einde aan de ’gynandrische’ culturen, zoals Van der Meer ze noemt, waarin man en vrouw elkaar aanvulden. De omslag van matriarchaat naar patriarchaat begon volgens Marija Gimbutas, de archeologe van het oude Europa, met de invasies van Indo-Europeanen in Mesopotamië, Turkije (Hettieten) en Griekenland (Doriërs en Achaeërs).

Van der Meer deelt haar visie. „De samenleving wordt grimmiger en mannen gaan steeds meer in hun macht staan. De vruchtbaarheidsgod, die ooit als partner van de godin begon, wordt stormgod die met bliksem en wapens smijt, en groeit uit tot de ene oppergod.”

Het archaïsche bewustzijn wijkt voor het rationele, moedercultuur wordt vadercultuur. „Dat heeft grote gevolgen gekregen, waarmee vrouwen in verschillende delen van de wereld nog dagelijks worden geconfronteerd: niet naar school mogen, besnijdenis, weduwenverbranding, vrijheidsbeperking en andere misstanden.”

Van der Meer denkt dat vrouwen, als ze hun roemrijk verleden herontdekken, gemakkelijker zullen opkomen voor hun zelfstandigheid – sociaal, economisch en religieus. „Ik breng het vergeten beeld van de moedercultuur en het goddelijk vrouwelijke in herinnering.”

Die Lorelei

Die Lorelei


Ich weiß nicht, was soll es bedeuten, Daß ich so traurig bin, Ein Märchen aus uralten Zeiten, Das kommt mir nicht aus dem Sinn. Die Luft ist kühl und es dunkelt, Und ruhig fließt der Rhein; Der Gipfel des Berges funkelt, Im Abendsonnenschein. Die schönste Jungfrau sitzet Dort oben wunderbar, Ihr gold’nes Geschmeide blitzet, Sie kämmt ihr goldenes Haar, Sie kämmt es mit goldenem Kamme, Und singt ein Lied dabei; Das hat eine wundersame, Gewalt’ge Melodei. Den Schiffer im kleinen Schiffe, Ergreift es mit wildem Weh; Er schaut nicht die Felsenriffe, Er schaut nur hinauf in die Höh’. Ich glaube, die Wellen verschlingen Am Ende Schiffer und Kahn, Und das hat mit ihrem Singen, Die Loreley getan. Heinrich Heine, 1823

The Courtship of  Inanna & Dumuzi

The Courtship of Inanna & Dumuzi


Inanna spoke:  "What I tell you   Let the singer weave into song.   What I tell you,   Let it flow from ear to mouth,   Let it pass from old to young:  My vulva, the horn,   The Boat of Heaven,   Is full of eagerness like the young moon.   My untilled land lies fallow.  As for me, Inanna,   Who will plow my vulva!   Who will plow my high field!   Who will plow my wet ground!  As for me, the young woman,   Who will plow my vulva!   Who will station the ox there!   Who will plow my vulva!"  Dumuzi replied:  "Great Lady, the king will plow your vulva.  I, Dumuzi the King, will plow your vulva." Inanna:  "Then plow my vulva, man of my heart!  Plow my vulva!"  At the king’s lap stood the rising cedar.   Plants grew high by their side.   Grains grew high by their side.   Gardens flourished luxuriantly.  Inanna sang:  "He has sprouted; he has burgeoned;   He is lettuce planted by the water.   He is the one my womb loves best.  My well-stocked garden of the plain,   My barley growing high in its furrow,   My apple tree which bears fruit up to its crown,   He is lettuce planted by the water.  My honey-man, my honey-man sweetens me always.   My lord, the honey-man of the gods,   He is the one my womb loves best.   His hand is honey, his foot is honey,   He sweetens me always.  My eager impetuous caresser of the navel,   My caresser of the soft thighs,   He is the one my womb loves best,   He is lettuce planted by the water." Dumuzi sang:  "O Lady, your breast is your field.   Inanna, your breast is your field.   Your broad field pours out plants.   Your broad field pours out grain.   Water flows from on high for your servant.   Bread flows from on high for your servant.   Pour it out for me, Inanna.   I will drink all you offer."  Inanna sang: "Make your milk sweet and thick, my bridegroom.   My shepherd, I will drink your fresh milk.   Wild bull, Dumuzi, make your milk sweet and thick.   I will drink your fresh milk.  Let the milk of the goat flow in my sheepfold.   Fill my holy churn with honey cheese.   Lord Dumuzi, I will drink your fresh milk. My husband, I will guard my sheepfold for you.   I will watch over your house of life, the storehouse,   The shining quivering place which delights Sumer?  The house which decides the fates of the land,   The house which gives the breath of life to the people.   I, the queen of the palace, will watch over your house." Dumuzi spoke:  "My sister, I would go with you to my garden.   Inanna I would go with you to my garden.   I would go with you to my orchard.   I would go with you to my apple tree.  There I would plant the sweet, honey-covered seed."  Inanna spoke:  "He brought me into his garden.  My brother, Dumuzi, brought me into his garden.   I strolled with him among the standing trees,   I stood with him among the fallen trees,   By an apple tree I knelt as is proper.  Before my brother coming in song,   Who rose to me out of the poplar leaves,   Who came to me in the midday heat,   Before my lord Dumuzi,   I poured out plants from my womb.   I placed plants before him,   I poured out plants before him.   I placed grain before him,   I poured out grain before him.   I poured out grain from my womb." Inanna sang:  "Last night as I, the queen, was shining bright,   Last night as I, the Queen of Heaven, was shining bright,   As I was shining bright and dancing,   Singing praises at the coming of the night–  He met me–he met me!   My lord Dumuzi met me.   He put his hand into my hand.   He pressed his neck close against mine.  My high priest is ready for the holy loins.   My lord Dumuzi is ready for the holy loins.   The plants and herbs in his field are ripe.   O Dumuzi! Your fullness is my delight!"  She called for it, she called for it, she called for the bed!   She called for the bed that rejoices the heart.   She called for the bed that sweetens the loins.   She called for the bed of kingship.   She called for the bed of queenship. Inanna called for the bed:  "Let the bed that rejoices the heart be prepared!   Let the bed that sweetens the loins be prepared!   Let the bed of kingship be prepared!   Let the bed of queenship be prepared!   Let the royal bed be prepared!"  Inanna spread the bridal sheet across the bed. She called to the king:  "The bed is ready!"   She called to her bridegroom:  "The bed is waiting!"  He put his hand in her hand.   He put his hand to her heart.   Sweet is the sleep of hand-to-hand.   Sweeter still the sleep of heart-to-heart.Inanna spoke:  "I bathed for the wild bull,   I bathed for the shepherd Dumuzi,   I perfumed my sides with ointment,   I coated my mouth with sweet-smelling amber,   I painted my eyes with kohl.  He shaped my loins with his fair hands,   The shepherd Dumuzi filled my lap with cream and milk,  He stroked my pubic hair, He watered my womb.  He laid his hands on my holy vulva,   He smoothed my black boat with cream,   He quickened my narrow boat with milk,   He caressed me on the bed.  Now I will caress my high priest on the bed,   I will caress the faithful shepherd Dumuzi,   I will caress his loins, the shepherdship of the land,   I will decree a sweet fate for him."  The Queen of Heaven,   The heroic woman, greater than her mother,   Who was presented the me by Enki,   Inanna, the First Daughter of the Moon,   Decreed the fate of Dumuzi:  "In battle I am your leader,   In combat I am your armor-bearer,   In the assembly I am your advocate,   On the campaign I am your inspiration.   You, the chosen shepherd of the holy shrine,   You, the king, the faithful provider of Uruk,   You, the light of An’s great shrine,   In all ways you are fit:  To hold your head high on the lofty dais,   To sit on the lapis lazuli throne,   To cover your head with the holy crown,   To wear long clothes on your body,   To bind yourself with the garments of kingship,   To carry the mace and sword,   To guide straight the long bow and arrow,   To fasten the throw-stick and sling at your side,   To race on the road with the holy sceptre in your hand,   And the holy sandals on your feet,   To prance on the holy breast like a lapis lazuli calf.  You, the sprinter, the chosen shepherd,   In all ways you are fit.  May your heart enjoy long days.  That which An has determined for you–may it not be altered.   That which Enlil has granted–may it not be changed.   You are the favorite of Ningal.   Inanna holds you dear." Ninshubur, the faithful servant of the holy shrine of Uruk,   Led Dumuzi to the sweet thighs of Inanna and spoke:   "My queen, here is the choice of your heart,   The king, your beloved bridegroom.  May he spend long days in the sweetness of your holy loins.   Give him a favorable and glorious reign.   Grant him the king’s throne, firm in its foundations.   Grant him the shepherd’s staff of judgment.   Grant him the enduring crown with the radiant and noble diadem.  From where the sun rises to where the sun sets,   From south to north,   From the Upper Sea to the Lower Sea,   From the land of the huluppu-tree to the land of the cedar,   Let his shepherd’s staff protect all of Sumer and Akkad.  As the farmer, let him make the fields fertile,   As the shepherd, let him make the sheepfolds multiply,   Under his reign let there be vegetation,   Under his reign let there be rich grain.  In the marshland may the fish and birds chatter,   In the canebrake may the young and old reeds grow high,   In the steppe may the mashgur-trees grow high,   In the forests may the deer and wild goats multiply,   In the orchards may there be honey and wine,  In the gardens may the lettuce and cress grow high,   In the palace may there be long life.  May there be floodwater in the Tigris and Euphrates,   May the plants grow high on their banks and fill the meadows,   May the Lady of Vegetation pile the grain in heaps and mounds.  O my Queen of Heaven and Earth,   Queen of all the universe,   May he enjoy long days in the sweetness of your holy loins."  The king went with lifted head to the holy loins.   He went with lifted head to the loins of Inanna.   He went to the queen with lifted head.  He opened wide his arms to the holy priestess of heaven.Inanna spoke:  "My beloved, the delight of my eyes, met me.   We rejoiced together.   He took his pleasure of me.   He brought me into his house.  He laid me down on the fragrant honey-bed.   My sweet love, lying by my heart,   Tongue-playing, one by one,   My fair Dumuzi did so fifty times.  Now, my sweet love is sated.  Now he says:  ‘Set me free, my sister, set me free.   You will be a little daughter to my father.   Come, my beloved sister, I would go to the palace.  Set me free…’"  Inanna spoke:  "My blossom-bearer, your allure was sweet.   My blossom-bearer in the apple orchard,   My bearer of fruit in the apple orchard,   Dumuzi-abzu, your allure was sweet.  My fearless one,   My holy statue,   My statue outfitted with sword and lapis lazuli diadem,   How sweet was your allure…"

Charge of the Dark Goddess

Charge of the Dark Goddess


quote:
Wisdom and empowerment are the gifts of the Dark Goddess of Transformation. She is known to us as Kali, Hecate, Cerridwen, Lilith, Persephone, Fata, Morgana, Ereshkigal, Arianhrod, Durga, Inanna, Tiamat, and by a million, million other names: Hear me child, and know Me for who I am. I have been with you since you were born, and I will stay with you until you return to Me at the final dusk. I am the passionate and seductive lover who inspires the poet to dream. I am the One who calls to you at the end of your journey. After the day is done, My children find their blessed rest in my embrace. I am the womb from which all things are born. I am the shadowy, still tomb; all things must come to Me and bare their breasts to die and be reborn to the Whole. I am the Sorceress that will not be ruled, the Weaver of Time, the Teacher of Mysteries. I snip the threads that bring my children home to me. I slit the throats of the cruel and drink the blood of the heartless. Swallow your fear and come to me, and you will discover true beauty, strength, and courage. I am the fury which rips the flesh from injustice. I am the glowing forge that transforms your inner demons into tools of power. Open yourself to my embrace and overcome. I am the glinting sword that protects you from harm. I am the crucible in which all the aspects of yourself merge together in a rainbow of union. I am the velvet depths of the night sky, the swirling mists of midnight, shrouded in mystery. I am the chrysalis in which you will face that which terrifies you and from which you will blossom forth, vibrant and renewed. Seek me at the crossroads, and you shall be transformed, for once you look upon my face, there is no return. I am the fire that kisses the shackles away. I am the cauldron in which all opposites grow to know each other in Truth. I am the web which connects all things. I am the Healer of all wounds, the Warrior who rights all wrongs in their Time. I make the weak strong. I make the arrogant humble. I raise up the oppressed and empower the disenfranchised. I am Justice tempered with Mercy. Most importantly, child, I am you. I am part of you, and I am within you. Seek me within and without, and you will be strong. Know me. Venture into the dark so that you may awaken to Balance, Illumination, and Wholeness. Take my Love with you everywhere and find the Power within to be who you wish.

Anonymous

Dedication to Hekate

Dedication to Hekate


Pre-Christian, pre-Olympian, pre-Titanic Hekate
World-Tree planted in Asia Minor,
gate-guard of the worlds,
keyholder to the 3 realms,
gross seated Mother, lions at your sides,
fostering nurse of all that’s young,
female heap of big fat attributes,
ruling through pre-rational ages
in cruelties of agricultural worship,
slain corn-kings, child sacrifice,
castrated temple-males.

You glid into Greece after Troy’s fall,
Hekate-Enodia riding down from Thessaly,
leading the angry horde of ghosts,
planted yourself at the crossroads;
your torch began to smoke then flared up,
making night noon –
World-Tree Hekate, your roots reached Hell’s
downmost altitude to suck the power
of the buried dead. Eater of Filth
Goddess of darkness, grimly silently
munching corpses, Hekate,
regaled with incense of goat-fat, baboon-shit,
garlic; honored with gutted puppies
and rubbish rites.

Hekate in your oakleaf crown shaking reptile dreadlocks,
around you hellhounds yowling sharp and shrill,
the meadows tremble, rivernymphs scream,
their waters rush backwards up the streambed
and dive affrighted down their own fountains.

With the witches I dance around you,
naked, snake-necklaced,
hair in the wind, gashing blood from arms:
sex-crazed hags with false teeth and hair,
young girls gloriously pornographic,
stir the cauldron of ugly oddities,
throw in magic salads gathered in the graveyard,
– a brew with power to draw babes screaming
into existence, or hurl them howling hence.
The witches lay hold of you, Hekate, World-tree,
shake, make tremble on your branches
the planets suspended like rare and fragile fruit.

Goddess good in struggles, finder of ways,
Hekate Rescuer, Greatest, Best,
accept this black libation of inkshed,
bring this book to birth,
adopt it for your child,
rearise through its pages in the realm of men.

– Jacob Rabinowitz

Magie is een extreme vorm van bidden

Magie is een extreme vorm van bidden


(Aan het woord is de Amsterdamse X).
Via de magie van de Indiase tempeldans kwam ze 15 jaar geleden in contact met de magische wereld van de hekserij.
Een gesprek met X over haar eigen spirituele beleving van haar bestaan als heks.

De wrede pogingen van de Inquisitie ten spijt, floreert de hekserij vandaag de dag als nooit tevoren.
Aan informatie geen gebrek.
Je breekt bijna je nek over de talloze wicca-websites, de instant spreukpakketjes, New Age winkels en de esoterische boeken.
Er is zelfs een heuse heksenopleiding.

Er doen nogal wat enge verhalen de ronde over heksen.
Van satanische missen tot aan de boze heks in Doornroosje.

quote:
Ach, veel van die verhalen zijn door de toenmalige katholieke kerk de wereld in geholpen om ervoor te zorgen dat het oude geloof uitgeroeid zou worden.

Maria de godin

Is hekserij dan een geloof?

quote:
In die tijd was het een geloof.
Het was de overgang van het heidendom naar het christendom, van het polytheïsme naar het monotheïsme.
Het uitroeien van het oude geloof is nooit helemaal gelukt.
Veel heidense gebruiken zijn overgenomen door de katholieke kerk.
Je hoeft alleen maar naar de Mariaverering te kijken, dan herken je daarin de godinnencultus.
Ik brand regelmatig kaarsjes voor Maria in kerken.
Ik zie haar als een van de verschijningsvormen van de godin.

Christenen hebben kerst. Moslims hebben de ramadan. Wat hebben heksen?

quote:
Ik vier de belangrijkste jaarfeesten: lente, zomer, herfst en winter.
Daarnaast heb ik hier in de woonkamer allerlei altaren.
Ik aanbid het goddelijk principe in de vrouwelijke vorm.
Dat goddelijke heeft verschillende verschijningsvormen.
Zelf werk ik met het oude Noorse pantheon: Thor, Freya en Odin.
Ik doe bijna iedere dag wel een ritueel dat is gewijd aan de godin.
Ik brand een kaars en wierook en zing een gebed.
Ik heb op mijn altaar dat is gewijd aan de godin, ook een beeldje dat het vrouwelijke principe moet voorstellen.
Ik kijk nu eenmaal liever naar een beeldje dan naar een lege muur.
Ik ben geen Zen-boeddhist.
Mijn magiealtaar staat in de slaapkamer.
Daar doe ik belangrijke rituelen.

Wat dan?

quote:
Je moet dan vooral denken aan het leggen van contacten met mijn goden en helpers uit de andere werkelijkheid om hulp te vragen bij problemen waar ik mee zit.
Vaak heeft dat te maken met psychologische inzichten en processen.

Je bent heel voorzichtig.
Maar de tijd van heksenvervolgingen is nu toch voorbij.
Zo wil je niet onder je eigen naam aan dit interview meewerken
.

quote:
Er bestaan ontzettend veel misvattingen over heksen.
Het kan heel erg doorslaan.
Zo zijn er mensen vanuit christelijke hoek die als de dood zijn voor heksen, omdat je een verbond met de duivel gesloten zou hebben.
Maar de meeste heksen erkennen het bestaan van de duivel niet eens. Dus hoe zou je dat ooit kunnen aanbidden of er een verbond mee kunnen sluiten

.

Hoe verklaar je die hele heksenrevival?

quote:
Mensen zijn op zoek naar een vorm van spiritualiteit en komen dan in dit soort dingen terecht.
Veel pubermeisjes vinden het ontzettend stoer om zich vol te hangen met pentagrammen en te roepen: pas op, anders beheks ik je.

Magische mantra’s

Hoe ben jij eigenlijk heks geworden?

quote:
Heks worden is een levenshouding en een studie die levenslang duurt. Mijn zoektocht begon zo’n 15 jaar geleden.
Ik studeerde jarenlang Indiase tempeldans
Van mijn Indiase leraar leerde ik de beginselen dat energie gekanaliseerd kan worden.
De essentie van de Indiase tempeldans is eigenlijk het doorgeven van energie.
Via het hindoeïsme ben ik geïnteresseerd geraakt in Sanskriet mantra’s. Mantra’s zeggen is intunen op een bepaald soort energie.
En dat is dus magie.

Hoe bedoel je?

quote:
Magie voor mij is het werken met energieën.
De belangrijkste kracht die er is, is de gedachtekracht.
Ik persoonlijk zie dat alles in feite is opgebouwd uit energie.
Dat wordt ook bevestigd door de natuurkunde.
Gedachte is ook energie.
Energie kun je dus beïnvloeden en dan ben je met magie bezig.
Magie is al positief denken.
Je bent al met magie bezig als jezelf vertelt “ik kan het, het gaat lukken.”

De wens is de vader van de hekserij

Dus die gedachtekracht maakt je dan heks…

quote:
In mijn definitie wel.
Hoewel er ook veel mensen zijn die zich heks noemen, omdat ze kamillethee drinken als ze verkouden zijn, of zich heks noemen omdat ze het leuk vinden om in lange zwarte fluwelen jurken te lopen en naar Gothic festivals gaan.

Die magie van jou lijkt verdacht veel op het principe van een gebed?

quote:
Ik vind de ultieme vorm van magie het gebed.
En magie is in feite een extreme vorm van bidden.
Bidden doe meestal alleen maar met wilskracht.
Heksen gebrui¬ken meditatiehulpmiddelen zoals kaarsen en trance trommels.
Je kunt een wens uitspreken en dan die energie sturen.

Dus ook negatieve energie?

quote:
Dat klopt.
Maar ik denk dat het overgrote deel van de heksen gruwt bij het idee om mensen kwaad te doen.
Heel veel heksen houden zich bijna uitsluitend met healing bezig, en proberen mensen juist te genezen.
Maar je zit al snel op een hellend vlak.
Want dat wat goed is voor de een, kan schade berokkenen aan de ander. Dat maakt het heel erg moeilijk om met magie te werken en dan krijg je dus die regel: doe wat je wilt, maar doe een ander geen kwaad.
Dat is een van de moeilijkste regels om bij stil te blijven staan, maar het is wel een van de twee vuistregels in de moderne hekserij.

Wat is de andere vuistregel?

quote:
De andere is de threefold law.
Met andere woorden, dat wat je uitzendt, keert drie maal terug.
Er zijn mensen die deze macht niet aankunnen.

Kun je wat concreter zijn?

quote:
Waar heel veel mensen de fout mee in gaan, is liefdesmagie.
Ik ken iemand die als pubermeisje ontzettend verliefd was op een man en daar een bindingsritueel voor heeft gedaan.
Dat lukte.
Ze trouwden en kregen twee kinderen.
Op een bepaald moment ging het huwelijk niet meer.
Maar scheiden bleek niet zo eenvoudig, omdat de man haar niet kon loslaten.
Het kwartje viel pas bij haar toen de man zei: het lijkt wel alsof ik aan je vastgebonden zit.
De vrouw heeft vervolgens een ritueel gedaan om dat bindingsritueel ongedaan te maken.

Dus zo ongevaarlijk is hekserij dus niet?

quote:
Ik ben helemaal niet zo blij met al die info voor puberheksjes.
Het is geen speelgoed.
Het is net alsof je kinderen van 12 in een raceauto zet.
Het kan goed gaan, maar ook verkeerd.
Als ze toevallig het contactsleuteltje omdraaien en tegelijkertijd het gaspedaal indrukken, ja, dan krijg je een ongeluk.
En dat kan met magie ook gebeuren.

PS
Bovenstaand interview kreeg ik via een van mijn contactpersonen onder ogen, met expliciete toestemming om te plaatsen op een esoterisch forum voor feedback.
Terwille van de privacy, zijn de namen van de interviewer en inteviewee geanonimiseerd.

Burning Times

Burning Times


 

In the cool of the evening they used to gather
‘Neath the stars in the meadow
Circled near an old oak tree
At the time appointed
By the seasons of the earth and the phases of the moon
In the centre often stood a woman,
Equal with the others and respected for her worth
One of the many we call the witches
The healers and the teachers of the wisdom of the earth
The people grew in the knowledge she gave them
Herbs to heal their bodies
Spells to make their spirits whole
Hear them chanting healing incantations
Calling on the wise ones
Celebrating in dance and song

Isis, Astarte, Diana, Hecate, Demeter, Kali, Inana

There were those who came to power through domination
And they were bonded in their worship of a dead man on a cross
They sought control of the common people
By demanding allegiance to the church of Rome
And the pope declared the inquisition
It was a war against the women whose power they feared
In the holocaust against the nature people
Nine million European women died
And the tale is told of those who by the hundreds
Holding together chose their deaths in the sea
While chanting the praises of the mother goddess
A refusal of betrayal, women were dying to be free

Now the earth is a witch and the men still burn her
Stripping her down with mining and the poison of their wars
Still to us the earth is a healer, a teacher, a mother,
The weaver of a web of life that keeps us all alive
She gives us the vision to see through the chaos
She gives us the courage, it is our will to survive

Charlie Murphy

Wicca moet maar lekker klein blijven

Wicca moet maar lekker klein blijven


Bron: Trouw 22-10-2005:
Wicca moet maar lekker klein blijven

Stadsheksen Rinia, Mercedes en Sim zijn tevreden over hun maandelijkse caféavond voor paganisten. “Maar je kunt nog altijd beter zeggen dat je op yogales zit.”
Het zou elke bruine kroeg in Amsterdam kunnen zijn: een lange bar, een paar tafeltjes met kaarsen, te harde muziek. Maar in deze schemerige ruimte huist een heksencafé. De enige tekenen: boven de bar hangt een klein pentagram en op een tafeltje naast de wc’s ligt het Book of Shadows, het door de betrokken heksen zelf samengestelde ‘heilige boek’. Daarin enthousiaste briefjes van gasten, een handleiding voor het maken van ‘maanlinten’ (voor elke stand van de maan een andere kleur) en de huisregels (er mag in het heksencafé niet gerekruteerd worden).

Drie vrouwen, Rinia, Mercedes en Sim – ze willen niet met hun achternaam in de krant – zijn de initiatiefnemers.

Rinia (40) omschrijft een heks als “iemand die zich met wicca bezighoudt, een natuurreligie gebaseerd op oude Keltische gebruiken”. Zelf kwam ze met wicca in aanraking nadat ze ‘ergens in het leven een plank had misgeslagen’ en op zoek was naar zingeving.

Haar zusje Mercedes (33) raakte ook geïnteresseerd, en samen verdiepten ze zich in de rituelen. Toen ze op een heksenforum Sim (25) tegenkwamen, was de kring compleet. De drie vrouwen organiseerden een avond om met gelijkgestemden in contact te komen, en zo ontstond twee jaar geleden het heksencafé in Amsterdam.

Elke eerste zondag van de maand komen aanhangers van uiteenlopende natuurreligies er samen om ervaringen uit te wisselen en een netwerk op te bouwen. Alle paganistische (heidense) stromingen zijn welkom.

“Die openheid kunnen we ons permitteren omdat we stadsheksen zijn”, zegt Rinia, “Op het platteland ligt dat moeilijker. Door de strengere sociale controle en de invloed van de kerk kunnen heksengemeenschappen in een dorp zich niet makkelijk profileren. Dat zijn gesloten groepen.”

Maar ook in Amsterdam heersen volgens haar nog rare ideeën over natuurreligies. “Wij hebben veel raakvlakken met new age, maar je kunt beter zeggen dat je aan yoga of reiki doet dan dat je heks bent.”

Behalve tussen stads- en dorpsheksen is er ook verschil tussen heksen die zelfstandig opereren en die bij covens (heksenkringen) zijn aangesloten.

Sommige covens, zegt Sim, hebben ‘zware inwijdingsrituelen’, vieren álle acht jaarfeesten (feesten die overgangen in de natuur symboliseren) en elk maanfeest. “Je moet niet denken dat je daar een beetje de Harry Potter kunt uithangen; het is heel intensief.”

Rinia: “Vergeleken met hen zijn wij fröbelheksen. We pikken eruit waar we voor ons gevoel iets mee kunnen: genezen met kruiden, een paar jaarfeesten, wat rituelen. De strenge wicca’s bewandelen een vastgelegd pad met strenge regels. Zij griebelen van wat wij doen.”

Wanneer iemand een echte wicca is, vinden ze moeilijk vast te stellen, maar een aantal basisprincipes is volgens de drie van groot belang. Het erkennen van de god en de godin, het erkennen van zowel het goede als het kwade in je leven en de aandacht voor je omgeving.

En natuurlijk de Wet van Drie, zegt Mercedes. “Alles wat je een ander aandoet, of het nou goed is of kwaad, komt drie keer terug.”

De god en de godin staan symbool voor de mannelijke en de vrouwelijke kracht op aarde. “Anders dan in het christendom”, zegt Rinia. “Daar is al het vrouwelijke onder tafel geveegd. De kerk heeft sowieso geen fraaie geschiedenis: kruistochten, brandstapels – daar wil ik niet bij horen.”

De andere twee knikken instemmend. Sim: “Het christendom zoekt God buiten de mensen. Onzin. En dat idee van Jezus als verlosser; ik verlos mezelf wel.”

“De kerk heeft veel van de oude rituelen gewoon overgenomen”, zegt Mercedes, “Pasen komt van het vruchtbaarheidsfeest Ostara, kerst van midwinter, Allerheiligen van Samhain, het moment waarop het nieuwe heksenjaar begint.”

De meeste wiccarituelen beginnen met het trekken van een cirkel om de deelnemers. Mercedes: “Je creëert een tussenwereld. Binnenin die cirkel laat je alleen toe wat je voor het ritueel nodig hebt – zowel fysiek als mentaal. Dus ook bepaalde gedachten moeten erbuiten blijven.”

De vier windstreken worden aangeroepen als wachters. Wat er verder in de cirkel gebeurt, hangt van het ritueel af. “Met Ostara verwelkomen we de zomer en brengen we eieren in de cirkel als symbool van nieuw leven”, zegt Mercedes. “Halloween gaat over afscheid nemen – dan gedenken we de doden, en dat maakt vaak heftige emoties los.”

Sim: “De thema’s van de jaarfeesten betrek je op je eigen leven. Met het oogstfeest formuleer je bijvoorbeeld wat je het afgelopen seizoen zelf geoogst hebt. Zo dwingen processen in de natuur je naar jezelf te kijken. Het is soms een enorme confrontatie met jezelf.”

Om die confrontatie gaat het uiteindelijk, vinden de drie.

Rinia: “Daarin verschillen new age en wicca van elkaar. New-agemensen denken: ik koop een leuke steen en die lost mijn problemen op. Voor ons is het: ik loop hier tegenaan, dus ik moet dit zelf oplossen.”

Het heksencafé heeft moeilijke perioden gekend. Rinia: “Er kwamen bezoekers die vonden dat alles anders moest. Er was veel roddel en achterklap. Dan denk je: waar doe ik dit voor?”

Sim: “Het café trekt soms vreemde mensen aan. Laatst nog hadden we een man die beweerde dat hij God was. En door Harry Potter waren we bang dat naïeve lezers naar ons café zouden komen. Dat is gelukkig niet gebeurd. Als je op zoek bent naar een toverschool, kom je bij ons bedrogen uit.”

Mercedes: “We hebben nu elke maand een redelijk vaste groep bezoekers. De meesten zijn rond de dertig, veertig jaar en serieus met paganisme bezig. Zo willen we het houden.”

“Het gaat goed nu”, zegt Rinia. “Mensen moeten ons zelf vinden. Overtuigen en binnenhalen doen we niet. Als religie te veel invloed krijgt, wordt het een bron van ellende. Laat wicca maar lekker klein blijven.”

http://www.trouw.nl/deverdieping/religie_filosofie/